Over stevigheid en ademhaling

 

Ik zie Martha oplettend kijken naar Katalin. Waar kijkt ze naar? ‘Ik zie haar niet goed ademen. Daarmee helpt ze de baby niet’, zegt Martha een beetje bezorgd. Ik kijk en inderdaad, Katalin lijkt haar adem vast te zetten en niet goed door te ademen. Even voel ik al mijn stevigheid uit me wegvloeien en krijg ik het gevoel dat ik Katalin niets te bieden heb in deze situatie. Gelukkig merk ik het op en herken ik de beweging.

Stevigheid

In een flits herinner me een gesprek dat ik eerder had met Katalin over de rolverdeling tussen Martha en mij. Ik had Martha net ontmoet en kwam daarna in de Primaire Afweer* terecht. Ik zag Martha als een stevig iemand die veel meer weet over bevallingen dan ik. Wat kan ik nog toevoegen tijdens de bevalling, dacht ik. Katalin zei toen tegen me ‘Ik wil juist dat jij er ook bij bent, omdat jij me kunt helpen vanuit het PRI perspectief ** als ik bijvoorbeeld in angst zit!’

En nu maak ik dezelfde beweging! Dat besef alleen al maakt dat ik me weer in mijn lijf voel zakken en mijn eigen stevigheid terugvindt. Ik knik naar Martha. ‘Je hebt gelijk’, zeg ik, ‘ik ga eens kijken of ik haar kan helpen daarmee.’ Martha knikt met een blik van verstandhouding terug.

Goed ademen

Katalin ligt nog steeds het bed. Ik geef Katalin aan dat ze haar adem aan het vastzetten is, en dat ze Bálint kan helpen door goed door te ademen naar haar buik. Katalin hoort me wel maar ik kan zien dat haar lichaam geen zin heeft om gehoor te geven aan de oproep. Dat kan ik wel begrijpen, van mijn eigen proces weet ik ook dat als je pijn voelt in je lichaam, fysiek of emotioneel, dat het aantrekkelijker lijkt niet te ademen, want dan voel je simpelweg minder goed. Ik besluit om dichterbij Katalin te blijven en steeds maar de boodschap te herhalen, om haar erbij te houden.

Ik wil niet meer!!

Als Katalin weer van het bed af is en met verschillende houdingen de weeën probeert op te vangen, komt er een moment waarop ze het even niet meer ziet zitten. ‘IK WIL DIT NIET MEER!!’ roept ze uit, bij weer een wee. David masseert dapper door, ik vind het knap hoe lang hij het volhoudt, hij lijkt onvermoeibaar! Maar Katalin heeft het zwaar. Ik zie op mijn telefoon en zie tot mijn verbazing dat ik nu al zo’n twee uur hier ben. Tijd vliegt als je helemaal in het moment aanwezig bent. Ik ben benieuwd hoe lang de bevalling zal gaan duren.

* Primaire Afweer is een overlevingsmechanisme. PRI gaat ervan uit dat we allemaal als kind overlevingsmechanismen hebben ontwikkeld om ons staande te kunnen houden in de omgeving waarin we opgroeiden. Als we volwassen zijn hebben we die mechanismen (afweren) niet meer nodig, maar ze worden nog steeds actief. En in plaats van dat ze ons helpen leiden ze nu tot allerlei problemen in ons gedrag en onze emoties. Er zijn vijf verschillende afweren, waarvan Primaire Afweer er één is. Je kunt hem herkennen aan negatieve gedachten over jezelf (zoals in mijn voorbeeld: ik voeg niets toe), schuldgevoelens, schaamte, of het gevoel dat het teveel is, dat je het niet aankunt. 

** Ook Angst is een overlevingsmechanisme of afweer (tenzij er direct fysiek gevaar is). Katalin wilde graag iemand bij de bevalling die haar vanuit dat perspectief kon bijstaan tijdens de bevalling. Dat als ze in angst zou raken, ze eraan herinnerd kon worden dat de angst niet gaat over het hier en nu. Maar dat hij actief wordt om haar te beschermen tegen een oude pijn uit haar eigen eerste levensjaren. Dat gebeurt als ze iets waarneemt dat een misschien kleine, maar heel exacte overeenkomst heeft met iets wat ooit voor haar levensbedreigend heeft gevoeld. Zoals eerder die nacht gebeurde toen ze aan de CTG gelegd ging worden. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.